| Jaar | Leeftijd: 25 tot 35 jaar | Totaal personen |
|---|---|---|
| 2020 | 93,6% | 86,1% |
| 2021 | 94,8% | 87,7% |
| 2022 | 95,3% | 88,6% |
| 2023 | 98,4% | 93,8% |
| 2024 | 99,1% | 95,4% |
| 2025 | 99,2% | 94,8% |
Bron is het CBS-onderzoek onder personen van 12 jaar en ouder in particuliere huishoudens. Percentages zijn geen advertentiebereik. Geselecteerd kenmerk 53500, indicator TekstberichtjesVersturenWhatsApp_15.
De meetreeks voor 25 tot 35 jaar
Voor Leeftijd: 25 tot 35 jaar geeft de beschikbare reeks bij ‘Tekstberichtjes versturen (WhatsApp)’ de volgende opeenvolgende uitkomsten: 2020 (93,6%), 2021 (94,8%), 2022 (95,3%), 2023 (98,4%), 2024 (99,1%), 2025 (99,2%). Tussen 2020 en 2025 verandert het gemeten aandeel binnen 25 tot 35 jaar met +5,6 procentpunt. Over dezelfde meetpunten bedraagt de landelijke verandering +8,7 procentpunt, van 86,1 procent naar 94,8 procent. De grootste opeenvolgende stap voor deze groep ligt tussen 2022 en 2023 (+3,1 procentpunt). In 2025 loopt het door CBS gegeven 95%-interval voor Leeftijd: 25 tot 35 jaar van 98,1 procent tot 99,6 procent. De breedte van 1,5 procentpunt hoort bij de schatting van 99,2 procent.
Tekstberichtjes versturen (WhatsApp) bij andere groepen
Binnen het kenmerk leeftijd staat 12 tot 25 jaar met 99,3 procent het dichtst bij 25 tot 35 jaar (99,2 procent). De afstand tot 75 jaar of ouder op 70,2 procent bedraagt 29 procentpunt; tot 35 tot 45 jaar op 99,4 procent is de afstand 0,2 procentpunt. In 2025 zijn in deze vergelijking 2 andere groepen boven 99,2 procent uitgekomen. De op één decimaal gepubliceerde uitkomst voor 25 tot 35 jaar is in deze vergelijking niet gedeeld. Dat verschil is beschrijvend; twee steekproefuitkomsten geven op zichzelf geen bewijs voor een verschil in advertentierespons.
Andere activiteiten binnen dezelfde steekproef
Bij 25 tot 35 jaar ligt internet op een smartphone op 99,4 procent, en dagelijks internetgebruik op 99,6 procent. De groep rapporteert voor internet op een desktop 36,4 procent. Tegenover 99,2 procent voor ‘Tekstberichtjes versturen (WhatsApp)’ levert dat een afstand op van 62,8 procentpunt. Niet iedereen die meetelt bij internet op een smartphone komt ook voor in ‘Tekstberichtjes versturen (WhatsApp)’. Voor een mediaplan biedt de bron geen uitsplitsing van precies die overlap. Schrijf dus niet dat 25 tot 35 jaar via de twee middelen samen 198,6 procent bereik levert.
De grootste absolute afwijking van het landelijke aandeel onder de hier gekozen activiteiten voor 25 tot 35 jaar hoort bij andere mobiele apparaten: 76,6 procent voor de groep en 59,8 procent voor alle personen samen. Bij internet op een desktop bedraagt dat verschil +1,3 procentpunt. Voor ‘Tekstberichtjes versturen (WhatsApp)’ is de afstand +4,4 procentpunt. In een campagne voor Leeftijd: 25 tot 35 jaar zou je daarom een mobiel gesprek met een herkenbaar begin en einde apart testen van wat mensen in 2025 in deze enquête rapporteerden.
Test het concrete contactmoment
Voer de uitvoering zo uit: laat een collega een korte openingsvraag stellen en daarna het gesprek afsluiten. De concrete tegenproef is een tweede bericht terwijl de oorspronkelijke vraag nog openstaat. Combineer de observatie uit die test met de gebruikscijfers voor 25 tot 35 jaar: 99,2 procent bij ‘Tekstberichtjes versturen (WhatsApp)’, 99,4 procent bij internet op een smartphone. Wat moet je aan de uiting veranderen als iemand het medium wel gebruikt maar de bedoelde handeling niet kan uitvoeren? Gebruik een nieuw testverslag om die vraag te beantwoorden.



