| Jaar | Gestandaardiseerd inkomen: 3e 25%-groep | Totaal personen |
|---|---|---|
| 2020 | 42% | 38,8% |
| 2021 | 43,3% | 40,6% |
| 2022 | 43,1% | 40% |
| 2023 | 38,9% | 38,8% |
| 2024 | 38,9% | 37,7% |
| 2025 | 35% | 35,1% |
Bron is het CBS-onderzoek onder personen van 12 jaar en ouder in particuliere huishoudens. Percentages zijn geen advertentiebereik. Geselecteerd kenmerk 1020990, indicator PersonalComputerPCOfDesktop_10.
De meetreeks voor 3e 25%-groep
Voor Gestandaardiseerd inkomen: 3e 25%-groep geeft de beschikbare reeks bij ‘Personal Computer (PC) of desktop’ de volgende opeenvolgende uitkomsten: 2020 (42%), 2021 (43,3%), 2022 (43,1%), 2023 (38,9%), 2024 (38,9%), 2025 (35%). Tussen 2020 en 2025 verandert het gemeten aandeel binnen 3e 25%-groep met -7 procentpunt. Over dezelfde meetpunten bedraagt de landelijke verandering -3,7 procentpunt, van 38,8 procent naar 35,1 procent. De grootste opeenvolgende stap voor deze groep ligt tussen 2022 en 2023 (-4,2 procentpunt). In 2025 loopt het door CBS gegeven 95%-interval voor Gestandaardiseerd inkomen: 3e 25%-groep van 32,8 procent tot 37,2 procent. De breedte van 4,4 procentpunt hoort bij de schatting van 35 procent.
Personal Computer (PC) of desktop bij andere groepen
Binnen het kenmerk gestandaardiseerd inkomen staat 2e 25%-groep met 32,7 procent het dichtst bij 3e 25%-groep (35 procent). De afstand tot 1e 25%-groep op 26,9 procent bedraagt 8,1 procentpunt; tot 4e 25%-groep op 42,1 procent is de afstand 7,1 procentpunt. In 2025 zijn in deze vergelijking 1 andere groepen boven 35 procent uitgekomen. De op één decimaal gepubliceerde uitkomst voor 3e 25%-groep is in deze vergelijking niet gedeeld. Dat verschil is beschrijvend; twee steekproefuitkomsten geven op zichzelf geen bewijs voor een verschil in advertentierespons.
Andere activiteiten binnen dezelfde steekproef
Bij 3e 25%-groep ligt goederen of diensten online verkopen op 44 procent, en internet op een tablet op 51,3 procent. De groep rapporteert voor internet thuis 98,8 procent. Tegenover 35 procent voor ‘Personal Computer (PC) of desktop’ levert dat een afstand op van 63,8 procentpunt. Niet iedereen die meetelt bij goederen of diensten online verkopen komt ook voor in ‘Personal Computer (PC) of desktop’. Voor een mediaplan biedt de bron geen uitsplitsing van precies die overlap. Schrijf dus niet dat 3e 25%-groep via de twee middelen samen 79 procent bereik levert.
De grootste absolute afwijking van het landelijke aandeel onder de hier gekozen activiteiten voor 3e 25%-groep hoort bij andere mobiele apparaten: 62,8 procent voor de groep en 59,8 procent voor alle personen samen. Bij sociale netwerken gebruiken bedraagt dat verschil +0,5 procentpunt. Voor ‘Personal Computer (PC) of desktop’ is de afstand -0,1 procentpunt. In een campagne voor Gestandaardiseerd inkomen: 3e 25%-groep zou je daarom de werking van een aanvraag met het toetsenbord apart testen van wat mensen in 2025 in deze enquête rapporteerden.
Test het concrete contactmoment
Voer de uitvoering zo uit: doorloop vanaf het zoekveld de pagina en herstel een ontbrekende invulling. De concrete tegenproef is een bezoeker die de verzendknop met Tab niet bereikt. Combineer de observatie uit die test met de gebruikscijfers voor 3e 25%-groep: 35 procent bij ‘Personal Computer (PC) of desktop’, 44 procent bij goederen of diensten online verkopen. Wat moet je aan de uiting veranderen als iemand het medium wel gebruikt maar de bedoelde handeling niet kan uitvoeren? Gebruik een nieuw testverslag om die vraag te beantwoorden.



